vrijdag 26 juni 2009

brede bravoure

Ziezo, ik vind het wel weer even genoeg met Dutch Comfort.

Ik begon dit weblog om mezelf te inspireren voor de energietechniek en om te kijken of ik die inspiratie ook vol kon houden. Bovendien wilde ik uitvinden wat allemaal bij dat vak hoort en of ik bij elk onderdeel ongeveer dezelfde bravoure zou kunnen hebben. Ik wil in de loop van volgend schooljaar steun zoeken voor het oprichten van Dutch Comfort College, en ik weet inmiddels dat brede volhardende bravoure mij altijd erg helpt bij het oprichten van opleidingen en bij het contact met studenten.

Ik vind dat mijn opzet geslaagd is; geslaagd genoeg om Dutch Comfort nu even op vakantie te laten gaan. Misschien krijgt dit weblog een vervolg, maar misschien ook niet. Ik ga nu verder werken aan een filmscript, dat ik onder handen heb.

donderdag 25 juni 2009

appelcider (slot)


Er zijn wel wat overeenkomsten tussen appelcider maken en mest vergisten. Het is niet goed, als het succes van mijn appelcider een maat is voor de groei en bloei van de mobiele mestvergister bv. En het is niet aan een economische crisis te wijten.

Nee, het is de directeur zelf: ik dus. Ondanks uitdrukkelijke waarschuwingen dat de vruchten in de ton met schoon materiaal behandeld moeten worden, was ik te lui om dat ter harte te nemen. Eigenlijk geloofde ik het gewoon niet. Had ik niet in 1989 met Ted in een tuinhuis in Soest door hemzelf uit Roemenië geïmporteerde sinaasappelwodka uit een zeer smoezelige fles gedronken, en was ik niet, in datzelfde tuinhuis de volgende morgen op een zeer fatsoenlijke tijd zonder een spoor van een kater wakker geworden? Teds beschrijvineg van de sinasappelbrouwerij was tamelijk ranzig. Middeleeuwse Trappisten kon je - lijkt me - ook op vijftien meter al ruiken. Het kwam mij goed uit om te denken dat schoon materiaal juist slechte alcohol oplevert.

En of de appelcider nou goed is of slecht, daar kan ik geen beslissing over nemen. Fris sprankelend, zoals me ergens beloofd was, is het zeker niet. Zuur en troebel, dat eerder. Maar soms, terwijl ik het in de schaduw van onze schuur door een doek perste en de onmiskenbare alcoholdamp me omringde, rook het zo zoet! Het kan ook de kamperfoelie geweest zijn, die daar door de planken van de schuur naar binnen bloeit.

woensdag 24 juni 2009

traditie

Vandaag was ik er getuige van hoe ons huis vanaf een vrachtwagen in elkaar gestapeld werd tot de eerste twee verdiepingen van een Amsterdams herenhuis. Ik heb mannen gezien die met een klauwhamer vingerlange draadnagels schijnbaar willekeurig in het houten skelet sloegen, maar ik geloof toch niet dat het die draadnagels zijn die het verschil maken tussen gestapelde houten delen en een samenhangende constructie. Het is vast goed. Het is een bewezen techniek en ik heb geen behoefte om die te begrijpen of om eraan te twijfelen of het goed is.

Wat ik wel begrijp, is traditioneel bouwen. Dat komt door Mijn Leuk Wereldje, van Richard Scarry. Het wereldje is leuk voor Scarry, omdat hij begrijpt hoe het werkt. In zijn wereldje is het basismateriaal op de bouwplaats: planken, stenen, zand, water en buizen. Het blijmoedige werk van de varkens, konijnen, poezen en honden suggereert dat het moment waarop de vrolijk gekleurde buizen gemonteerd worden niet zo belangrijk is en dat er anders ook wel op een organische manier om optredende problemen heen geknutseld kan worden.

Terwijl hij met toegeknepen ogen naar de opbouw van ons huis stond te kijken, vroeg Peter wanneer het huis aan ging, alsof er nu alleen nog een stekker in een stopcontact gestoken hoefde te worden. Wat ik, gezien de snelheid waarmee in de nieuwe tijd gestapeld en gespijkerd wordt, een begrijpelijke associatie vind. Maar dat is niet zo: pas als een huis er is, kan de aansluitprocedure in gang gezet worden. Die duurt daarna ongeveer acht weken.

dinsdag 23 juni 2009

appelcider (2)


Om de slakommen aan de poten van de draaistoel vast te maken (wat dan een windmolen wordt, hopen we), wil ik een houten plaat gebruiken die tussen de vijf poten van de stoel wordt vastgezet. Ongereguleerd liet zijn blik al over het assortiment broodplanken dwalen toen we in IKEA waren, maar ik ben minder puristisch en herinnerde me het spaanplaat dat ik kocht om het appelcidervat luchtdicht af te sluiten, afgelopen herfst.

De appelcider had na vier weken al geklaard moeten worden, maar nu de zomer is aangebroken en de beide appelbomen al zijn uitgebloeid staat de gegiste brij nog steeds ongeklaard onder de deksel. Er liggen allemaal kartonnen dozen op, omdat die platte plaat met het waterslot van pvc niet geschikt is om iets op te zetten, behalve dozen, die toch verder overal in de weg staan.

Gisteravond heb ik de doos geopend. Er kwam geen stoffige schimmelwolk uit en ook geen mansgrote made die mij onmiddellijk aanviel. Het was rustig en het rook naar zure alcohol. Nog steeds: een hele grote emmer met kots. Ouwe kots, inmiddels.
Het klaren, eerst met een vergiet en daarna met een koffiefilter, gaat minstens drie dagen kosten. Al die tijd kan ik het niet meer luchtdicht bewaren, waardoor nu de schimmels kunnen toeslaan en de alcohol verdampt. Maar goed, echt lusten doe ik dat toch niet: alcohol.

maandag 22 juni 2009

bouwvak

Eerder schreef ik hier een stukje dat heette installateursonderdrukking. Ik herhaal dat nog maar eens: installateursonderdrukking. Want het zijn de installateurs die de smerigste, schadelijkste, gevaarlijkste en meest uitputtende 'betaalde' banen kregen met de meest ongezonde arbeidsomstandigheden. Werken met explosieven, giftige stoffen en onveilige machines, in slecht weer en ook als je niet helemaal fit bent - dit alles behoort tot de standaard werksituatie voor vele, vele installateurs overal ter wereld. Installateurs worden ertoe gebracht om trots te zijn op het patroon dat zij slechte behandeling en te hard werken verduren; zij verdedigen dit patroon.

Ons huis in Amsterdam wordt overmorgen in elkaar gezet en daarmee wordt aangevangen om zeven uur 's ochtends, door mensen die daartoe uit Twente gekomen zijn. Is er een plausibele reden dat dit allemaal zo onmenselijk vroeg moet beginnen? Die is er niet.

Niemand heeft baat bij installateursonderdrukking, alleen het systeem. In de zomer, als de installatiemarkt laag is, worden alle installateurs, waar mogelijk onbetaald, met bouwvak gestuurd. Vier armetierige weekjes om achtenveertig weken uitbuiting te compenseren. En dat precies in de periode dat ons huis gebouwd wordt! Niemand heeft baat bij installateursonderdrukking.

vrijdag 19 juni 2009

Amsterdam


Om mij voor te bereiden op de aanstaande terugkeer naar Amsterdam kreeg ik van mijn homoseksuele vriend R een fotoboek over het enorme nieuwbouwproject van die stad aan het IJ. Het boek heet Amsterdam, en het is geschreven door Ton Schaap. Vermoedelijk is hij een homoseksuele stedenbouwer, bijvoorbeeld omdat hij schrijft dat 'nachtelijke zwerftochten langs kroegen en clubs het hele fenomeen homoseksualiteit in drie dagen van zijn tobberige connotatie [hadden] ontdaan.' Dat zal dan gaan om Ton Schaaps homoseksualiteit gaan, want ik geloof niet dat er een driedaagse homoseksuele revolutie heeft plaatsgevonden, waarbij homoseksualiteit in het algemeen van zijn tobberige connotatie ontdaan is.

Toch wel fijn, dat Ton Schaap van alles over zichzelf vertelt. Stedenbouw is ook een beroep dat op de Technische Universiteit wordt aangeleerd, waar het verwoorden van ik-besef geen vast onderdeel van het curriculum is. Verwoorden in het algemeen niet, zeker niet bij stedenbouw. Maar toch, nadat ik het boek als een proefvertaling heb geanalyseerd, begin ik de taal van de stedenbouw te doorgronden en kan ik het ook wel waarderen.

Het hoofdstuk Compact en Suburbaan begin met de zin 'Uit het voorgaande zijn een paar lijnen door te trekken. Compacte stad maken waar het aantrekkelijk is, is de belangrijkste.' Compacte stad maak je, blijkt, vooral door lijnen te trekken door het vervoer; auto's en fietsen en bootjes dus. Dingen dus, met een motor.
Fijn, dat door deze lijn door te trekken, mijn warme belangstelling voor de stedenbouw ook weer een warme belangstelling voor warme werktuigbouw blijkt te zijn.

donderdag 18 juni 2009

kort nieuws (2)

Laatst sprak ik in het openbaar over mijzelf als een geheelonthouder. Na deze voordracht werd ik door verschillende mensen benaderd om te zeggen dat ik moedig gesproken had en dat ze me steunden in mijn strijd. Ik had me niet gerealiseerd dat het woord geheelonthouder appelleert aan strijd en aan moed. Ik bedoelde alleen te zeggen dat ik tamelijk matig leef. Dat ik bier inmiddels vies vind en wijn in een maximale dosis van twee vingerhoedjes kan verdragen. En dat terwijl er, sinds het feest, in onze provisiekast zes flessen wijn en één fles whisky staan. (De verbrandingswaarde is 30 MJ voor één kilo ethanol.)

Daags na het feest meldde de schapenhouder zich, die traditioneel in onze boomgaard zijn schapen weidt. Het veld was door mij met de zeis niet mooier geworden dan het kapsel van een peuter die zijn eigen haar geknipt heeft, maar de schapen maken het, in ruil voor natte stront, helemaal egaal. Nog twee weken, dan is het kaal, schatte de schapenhouder. (Honderd are stoppelig gras in twee weken voor zeven schapen.)

Vandaag heb ik met Ongereguleerd bij IKEA de inkopen gedaan die nu snel moeten leiden tot de windmolen. Ongereguleerd liep al na te denken over de naam van de windmolen. Een naam, die molenachtigheid uitdrukt in alle wereldtalen. We hebben ervoor gekozen om Rrraps! toch maar te bouwen van slakommen. Vijf stuks. Thuis ontdekte ik dat ik er per ongeluk zes heb gekocht. (Bij IKEA krijg je momenteel zes Blanda's voor de prijs van vijf.)